Wet Wtl – Wet tegemoetkomingen loondomein o.a. LIV en LV

Wet tegemoetkomingen loondomein (Wtl) oa. LIV en LKV 

De Wet tegemoetkomingen loondomein (Wtl) heeft als doel om kwetsbare mensen op de arbeidsmarkt tegemoet te komen met een financiële vergoeding. Althans voor de werkgevers om hen aan te moedigen om juist die kwetsbare mensen in dienst te nemen. De Wtl bestaat bestaat uit 3 tegemoetkomingen voor werkgevers; het loonkostenvoordeel (Lkv), het lage-inkomensvoordeel (Liv) en het jeugd-Liv.

 

Let op: tekst gaat verder onder het  blauwe cao  & lonen tekstblok

Wat is de Liv?

 

De Liv staat voor Lage-inkomensvoordeel. Het is een financiële tegemoetkoming voor ondernemers / werkgevers om werknemers aan de onderkant van de arbeidsmarkt in dienst te nemen én in dienst te houden.

 

Voorheen was de hoogte van de financiële tegemoetkoming voor de ondernemer / werkgever is opgesplitst in twee categorieën. Er is een categorie voor mensen die tussen 100% tot 110% van het WML (= wettelijk minimumloon) verdienen. Voor hen was er maximaal € 2.000,- per jaar tegemoetkoming mogelijk. Voor mensen die vallen binnen de categorie 110% tot 120% van het WML was € 1.000,- tegemoetkoming mogelijk.

 

De werknemer moest dan wel een baan hebben van minstens 24 uur per week en minimaal 1.248 uur op jaarbasis. Het financiële voordeel voor werkgevers kon oplopen tot duizenden euro’s per jaar.

Recht op Liv aangepast

 

Wil je in aanmerking komen voor teruggave via de Liv dan moet je kijken naar het loon van de medewerker.

 

Marco Zimmerman van Mazars legt uit; “De bovengrens van dit loon komt met ingang van het jaar 2024 te liggen op 116% van het WML (wettelijk minimumloon); dit gaat dus pas effect hebben op de uitbetaling in 2025. In 2024 wordt ook het minimumuurloon ingevoerd.”

 

“Ook mag het loon niet lager zijn dan het geldende WML. Met andere woorden, het loon moet liggen tussen 100 en 116 procent van het WML. De bovengrens is nu 125% van het WML.”

 

Kortom: in 2022 en 2023 is de bandbreedte: 100% tot 125% van het WML.

Liv nu en straks

 

Het zijn dure tijden voor werkgevers. Vooral in 2023 met een forse stijging van het WML. Om werkgevers tegemoet te komen in de kosten, wordt het bedrag dat de werkgever kan terugvragen via de Liv fors verhoogd. En dat zelfs met terugwerkende kracht. De Liv wordt natuurlijk altijd na afloop van het kalender jaar uitbetaald.

 

In samenwerking met onze partners van Mazars zetten we de belangrijkste veranderingen zo kort en bondig mogelijk voor je op een rij:

Liv in 2023

Het bedrag dat je als werkgever kan terugvragen wordt dus eenmalig met terugwerkende kracht over 2022 (uitbetaald in 2023) verhoogd van € 0,49 naar € 0,78 per verloond uur per werknemer.

 

Het bedrag dat maximaal dat eenmalig met terugwerkende kracht over 2022 (uitbetaald in 2023)  kent ook een stijging van € 960 naar € 1.520 per werknemer per kalenderjaar.

Liv in 2024

In 2024 is het bedrag dat je kan terugvragen per verloond uur van € 0,49 naar € 0,63. Dus over het jaar 2023 dat dan wordt uitgekeerd in 2024

De maximale vergoeding wordt over 2023 (uitbetaald in 2024) wordt dan maximaal € 1.242 per werknemer per kalenderjaar.

Liv in 2025

Vanaf 2025 is het gedaan met het lage inkomensvoordeel. Vanaf dit jaar wordt de Liv afgeschaft.

Lkv – Loonkosten voordeel

 

Dit is een tegemoetkoming voor werkgevers die iemand in dienst nemen met een grotere afstand tot de arbeidsmarkt, zoals:

 

1. oudere werknemers (vanaf 56 jaar)
2. arbeidsgehandicapte werknemers die nieuw in dienst komen
3. werknemers uit de doelgroep van de banenafspraak en scholingsbelemmerden
4. arbeidsgehandicapte werknemers die herplaatst worden

 

Er zijn drie soorten loonkostenvoordelen:

Het loonkostenvoordeel oudere werknemer (€ 3,05 per verloond uur, maximaal € 6.000) voor werknemers vanaf 56 jaar die uit een uitkeringssituatie komen.

 

Het loonkostenvoordeel arbeidsgehandicapte werknemer (€ 3,05 per verloond uur, maximaal € 6.000) voor werknemers die uit een WIA uitkering komen, werknemers met een WIA uitkering die hun werk volledig of deels hervatten en werknemers die minder dan 35% arbeidsongeschikt zijn.

 

Het loonkostenvoordeel doelgroep banenafspraak en scholingsbelemmerden (€1,01 per verloond uur, maximaal € 2.000) voor mensen die in het doelgroepregister banenafspraak van het UWV zijn opgenomen en mensen met een scholingsbelemmering.

 

De werkgever heeft recht op Lkv zolang de dienstbetrekking bestaat, maar maximaal 3 jaar (maximaal 1 jaar bij een herplaatste werknemer) en uiterlijk totdat de werknemer de AOW-leeftijd bereikt.

 

Als werkgever dien je het Lkv aan te vragen via de aangifte loonheffingen. Je dient dan wel een bewijs te laten zien. Dat houdt in dat je een  kopie van de doelgroepverklaring Lkv van de medeweker nodig hebt.

 

Een doelgroepverklaring Lkv regel je bij het UWV. De medewerker dient dat binnen 3 maanden na aanvang van de werkzaamheden te doen. Waar de verklaring exact aangevraagd moet worden hangt weer af van het type ‘doelgroep’ waar de desbetreffende medewerker het best bij past.

 

Whitepaper - Cover -Starten met personeel | Flexpedia
Whitepaper - Cover -Starten met personeel | Flexpedia
Whitepaper - Cover -Starten met personeel | Flexpedia
Whitepaper - Cover -Starten met personeel | Flexpedia

Waarmee kunnen wij jou helpen?